studio dmau

View Original

Dat is niet eerlijk! - That's not fair!

Dat is niet eerlijk! Thats not fair. Our response to the “spatial justice” open call has been selected by the Dutch Creative industry Fund for funding.

What is the “just city” and how can it be defined?

We believe the importance of safe and social urban environments for children is essential when we talk about Just Cities and this is an important focus for our work at Studio dmau. For this open call we would again like to challenge our preconceived ideas about the built environment and imagine what a “Just City” might be if we regarded children’s needs as equal to adults. This project is about defining effective design-research methods for embedding children’s voices into urban research and public space design. We have structured our approach in two phases: phase one will focus on a specific local area, while phase two will involve scaling up our findings to other locations and age groups.

Why is this important?

The exclusion of pre-teen and teenage girls is a common issue in urban areas. Girls in this age group often find themselves in an in-between space that is not adequately addressed in the predominantly adult-oriented spaces of the city. This exclusion can be attributed to several complex reasons:

  • Traditional playgrounds are primarily designed for children aged 0-7.

  • Girls aged 8 and above require more challenging play and sports facilities, which are often lacking at the neighborhood level.

  • Girls in this age group are often not adequately consulted in the design process.

  • Sports courts tend to be dominated by teenage boys.

For the first phase the research will take place in Amsterdam West where we hope to develop a working method for phase two where we will broaden the research to other locations and groups.

The project will be carried out in collaboration with Ozlem Ataol, IIona van Sante, Yan Zhang with advice from project partners Gerben Helleman and the Richard Krajicek Foundation.

——

Dat is niet eerlijk! Dat is niet eerlijk. Ons antwoord op de open oproep "ruimtelijke rechtvaardigheid" is door het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie geselecteerd voor financiering.

Wat is de "rechtvaardige stad" en hoe kan deze worden gedefinieerd? Wij geloven dat het belang van veilige en sociale stedelijke omgevingen voor kinderen essentieel is als we het hebben over Just Cities en dit is een belangrijk thema voor ons werk bij Studio dmau. Voor deze open call willen we opnieuw onze vooropgezette ideeën over de gebouwde omgeving uitdagen en ons voorstellen wat een "Just City" zou kunnen zijn als we de behoeften van kinderen als gelijkwaardig aan die van volwassenen zouden beschouwen.

Dit project gaat over het definiëren van effectieve ontwerp-onderzoeksmethoden voor het integreren van kinderstemmen in stedelijk onderzoek en het ontwerp van de openbare ruimte. In antwoord op de open oproep is onze aanpak in twee fasen ontwikkeld: fase één is gefocust en lokaal, fase twee gaat over het opschalen van onze bevindingen naar andere locaties en leeftijdsgroepen.

Waarom is dit belangrijk? De uitsluiting van meisjes onder de tienerleeftijd is een veel voorkomend fenomeen in stedelijke gebieden. Meisjes van deze leeftijd bezetten een tussenruimte tussen de volwassene en het kind die niet voldoende aan bod komt in de overwegend door volwassenen bepaalde ruimten van de stad. Deze uitsluiting heeft een aantal complexe redenen:

  • Traditionele speeltuinen zijn voornamelijk ontworpen en gebouwd voor kinderen van 0-7 jaar.

  • Meisjes (8+) hebben uitdagender speel- en sportvoorzieningen nodig die vaak niet op buurtniveau worden aangeboden.

  • Meisjes van deze leeftijdsgroep worden vaak niet voldoende geraadpleegd in het ontwerpproces.

  • Sportvelden worden gedomineerd door tienerjongens.

Voor de eerste fase zal het onderzoek plaatsvinden in Amsterdam West waar we een werkwijze hopen te ontwikkelen voor fase twee waarin we het onderzoek zullen uitbreiden naar andere locaties en groepen.

Het project wordt uitgevoerd in samenwerking met Ozlem Ataol, IIona van Sante, Yan Zhang met advies van projectpartners Gerben Helleman en de Richard Krajicek Foundation.